3.1. mogelijk binnen de BV een pensioen op

3.1. Problemen bij deze procedureGedurende een lange periode was hetpensioen eigen beheer een populaire regeling voor de DGA. Het was mogelijkbinnen de BV een pensioen op te bouwen, met als voordeel dat de ruimte voor hetdoen van investeringen binnen de BV er niet minder om werd.

Inmiddels is deaantrekkelijkheid van het pensioen eigen beheer voor het grootste gedeelteverdwenen. Hier zijn verschillende redenen voor. Deze redenen kunnen eenprobleem vormen voor DGA’s en kunnen er uiteindelijk toe leiden dat er niet kanworden afgekocht. Die redenen ga ik in dit hoofdstuk kort toelichten.

Best services for writing your paper according to Trustpilot

Premium Partner
From $18.00 per page
4,8 / 5
4,80
Writers Experience
4,80
Delivery
4,90
Support
4,70
Price
Recommended Service
From $13.90 per page
4,6 / 5
4,70
Writers Experience
4,70
Delivery
4,60
Support
4,60
Price
From $20.00 per page
4,5 / 5
4,80
Writers Experience
4,50
Delivery
4,40
Support
4,10
Price
* All Partners were chosen among 50+ writing services by our Customer Satisfaction Team

      I.       Fiscale redenenVroeger was het pensioen eigen beheereen fiscaal aantrekkelijke manier om pensioen op te bouwen en daarnaast hetgeld beschikbaar te houden voor het doen van investeringen binnen de BV. Er konvennootschapsbelasting worden bespaard door de vorming van een fiscaleaftrekpost in de BV. In het verleden was het mogelijk dat de aftrek tegen eenVPB tarief van 48% was. Omdat de huidige tarieven een stuk lager liggen(20-25%), is de mogelijkheid van uitstel van betaling van de VPB ook een stukminder aantrekkelijk geworden. Wat daar nog bijkomt, is dat de fiscale maximumopbouw- en premiepercentages zijn verlaagd. Hiermee is de omvang van de fiscaleaftrekmogelijkheden en daarmee ook de liquiditeitsvoordelen van pensioenopbouwin eigen beheer verder beperkt.

    II.       Waardering van de pensioenverplichtingDe steeds groter wordende verschillentussen de commerciële en de fiscale waarde is ook een groter wordend probleem.Dit komt mede door de lage rentestand die geldt voor de commerciële waardering,terwijl de rente die geldt voor de fiscale waardering op 4% ligt1.Voor de fiscale ruimte tot het uitkeren van dividend is uitsluitend de (hoge)commerciële waarde van de pensioenverplichting van belang. Als er onvoldoendemiddelen in de BV zitten om dividend uit te keren, wordt dividend uitkerenlastig.

Dit omdat het uitkeren van dividend wordt aangemerkt als een afkoop vande pensioenaanspraak.    III.       Verschil tussen commerciële en fiscalewaarderingEr zijn een aantal redenen op tenoemen waarom er vaak een groot verschil zit tussen de commerciële en fiscalewaardering, waaronder de leeftijdsterugstelling, het risico van vooroverlijden,de te hanteren rekenrente en de mogelijkheid om met (toekomstige) loon- enprijsstijgingen rekening te houden. Daarnaast bestaat het verschil tussen decommerciële en fiscale waardering uit winst- en kostenopslagen die wordengehanteerd door verzekeraars. Deze winst- en kostenopslagen kunnen niet wordenbegrepen in de fiscale pensioenverplichting eigen beheer, vanwegegoedkoopmansgebruik.

De grootste reden voor het verschil tussen de commerciëleen de fiscale waarde is de huidige rentestand die een stuk lager ligt dan devoorgeschreven fiscale rekenrente van 4%. Als de commerciële waarde wordtberekend, wordt er rekening gehouden met die lagere rentestand en niet met defiscale rekenrente van 4%. Momenteel ligt de commerciële waarde door de lagerentestand aanzienlijk hoger dan de fiscale waarde.